Rob Hoekschop in gesprek met: Leon ter Huerne

Spelersprofiel:

Leon ter Huerne,

geb. 25-09-1968:

Gestart bij SV Vosta in september 1973 tot en met 1988. In mijn tijd bij Vosta heb ik 5 jaar lang in meerdere Twentse jeugdselecties gespeeld. Uiteindelijk bij SV Vosta 1 seizoen (1987-1988) in het 1e elftal gespeeld (3e klasse KNVB) als linkerspits, de positie die ik in de jeugd altijd heb ingevuld.

KVV Losser werd mijn volgende stap, eveneens als linkerspits, opvolger van de legendarische Freek van Oenen. Seizoen 1988-1989 en 1989-1990 bij KVV gespeeld in de 2e klasse KNVB. Vanaf 1990 tot en met 1993, totaal 3 seizoenen bij SC Enschede gespeeld, ook weer als linkerspits in de Hoofdklasse B.

In het seizoen 1993-1994 vertrokken naar RKVV Stevo, gehaald voor de linkerflank (middenveld en aanval) onder Epi Drost. Kampioen geworden in de Hoofdklasse B en kampioen van Nederland bij de zondagamateurs. Daarna nog 1 seizoen bij Stevo gespeeld (94-95) om vervolgens terug te keren naar KVV Losser waar Paul Krabbe in het seizoen 95-96 trainer werd. Hier ben ik centrale middenvelder geworden en heb ik vervolgens gespeeld tot en met het seizoen 2002-2003.

Wanneer ben je gestopt en waarom?

Seizoen 2002-2003 definitief als 1e elftal speler. We hadden in mijn jaren dat ik terug was bij KVV Losser altijd goed voetballende teams, het lukte ons helaas niet om uit de 3e klasse te komen. We werden vaak net geen kampioen en ondanks meerdere finales (periodekampioenschappen) lukte het telkenmale niet om de stap te maken. Ik werd dat jaar 35 jaar en het was goed geweest, tijd voor een nieuwe generatie. Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ik hier achteraf best spijt van heb gehad, had misschien wel tot mijn 40e mee kunnen voetballen.

 

Hoe zou je jezelf als speler omschrijven?

Ik was een technische speler met een goede traptechniek. Niet supersnel, ook best eigenwijs. Job Hoomans heeft me ooit eens een brief geschreven (ik was toen 16 jaar) dat ik me moest gaan richten op de positie van linkermiddenvelder, die plek zou me beter liggen dan linkerspits. Achteraf denk ik dat hij gelijk had. Job heeft me ook geadviseerd om naar Judotraining te gaan, ik moest sterker worden. Heb ik gedaan, heb het 2 maanden volgehouden, ik vloog continu over schouders heen door de lucht, die jongens waren gewoonweg te sterk.

Was het voetbal in jouw tijd, anders dan nu?

Dat is een lastige vraag, persoonlijk hield ik er in mijn tijd als speler niet van als oud-spelers het over vroeger hadden. Mijn beeld van nu is wel dat het de jongere spelers aan het “heilige vuur” ontbreekt. Ik bedoel hiermee te zeggen dat ik er echt alles voor over had, zeker in mijn tijd als 16-17 jarige speler wilde ik altijd met het eerste mee, ook al zat ik op de bank en was de kans op speeltijd maar een paar minuten. Dat gebeurt nu nauwelijks meer. Ik was ook echt bezeten van het spelletje.

Wat was jouw specialiteit?

Ik had een goede traptechniek en mijn voorzet was wel mijn specialiteit, daar heb ik, met name in de jeugd wekelijks, meerdere uurtjes op getraind.

Heb je het maximale eruit gehaald als speler?

Ik ben tevreden, dat is het belangrijkste. Als ik wat “brutaler” was geweest, had er misschien wat meer in gezeten. Ik had de pech dat ik van klein mannetje pas op mijn 17e echt een scheut de lucht in kreeg. Hierdoor werd ik wel een ander type speler, minder dynamisch, het heeft al met al wel 2 jaar geduurd voordat mijn benen deden wat ik in mijn hoofd wilde. Daarnaast, ik werkte al op jonge leeftijd voor de Rabobank, studeren deed ik naast het voetballen en dat maakte het wel pittig soms.

Over welke kwaliteiten dient een goede centrale middenvelder te beschikken?

Hij moet zowel verdedigende alsook aanvallende kwaliteiten hebben, moet conditioneel sterk zijn en het spel kunnen “lezen”. Waar liggen de ruimtes bij de tegenstander en in mijn tijd was ik op die positie ook altijd bepalend in de manier waarop we druk zouden zetten op de tegenstander. Een aanvallende middenvelder moet ook scorende kwaliteiten hebben.

Wie was jouw lastigste tegenstander?

Niet lastig te beantwoorden, dat was namelijk een ploeggenoot. Toon Valks zette me op de trainingen in de 1 tegen 1-situaties en partijvormen altijd tegenover Rob Poell, dat was echt een beer in die tijd. Snel, heel sterk en liep altijd op pinnen te voetballen. De eerste training bij SC Enschede zal ik nooit meer vergeten. Stond ik ook tegenover Rob en hij raakte me waar hij ook kon, wilde me testen. Ik lag vaak op de grond kan ik je vertellen. Na de training sloeg Eddy Pasveer (toen keeper bij ons) een arm om mee heen toen we terug liepen naar de kleedkamer en hij vertelde me dat het goed zou komen voor mij bij Sportclub, ik was geslaagd voor de test…

Waar ben je het meest trots op?

Ik heb 2 maal de districtsbeker van het Oosten mogen winnen met SC Enschede en ook met Stevo. Uiteraard is het kampioenschap met Stevo mijn mooiste belevenis als speler. Een geweldig hecht team, Stevo is een unieke club met fantastisch publiek.

Wat is je mooiste herinnering?

Dat is zonder twijfel het genoemde kampioenschap met Stevo. Maar eigenlijk ben ik blij met alles wat ik met mijn ploeggenoten heb mogen beleven, samen trainen, wedstrijden spelen, kameraadschap en samen plezier hebben in het spelletje.

Wat doe je nu en wat zijn je ambities/wensen?

Ik werk als Directeur Zakelijke Verzekeren voor de Rabobank. Ons werkgebied bestaat uit Twente en de Achterhoek. Een hele mooie en zeker ook uitdagende baan, het team bestaat uit 45 mensen. Ik word blij van het werken met en voor mensen, samen het elke dag weer een stukje beter doen voor onze klanten. Mijn grootste wens is dat ik zelf en mijn gezin (Renate, dochter Lisa en zoon Jesse) hecht blijven en plezier houden in het leven.

Welke amateur mag in deze column niet ontbreken en waarom niet?

Koen Reinerink, een echte pure liefhebber en net als ik linksbenig. Op vrijdagavonden ging ik in mijn tijd bij Stevo altijd pasta bij hem eten in Tubbergen. Reed ik na mijn werk voor de bank in Geesteren naar hem toe. De spaghetti van Mathilde Reinerink, overheerlijk en een goede bodem voor de training, haha.

Wat is jouw mooiste herinnering aan een trainer?

Dat zijn er 2; allereerst Paul Krabbe. Ik heb 2 keer onder hem mogen trainen, bij SC Enschede en ook later bij KVV Losser. We hadden een keer een shuttle run test. We moesten vanuit Sportpark Brilmansdennen lopend naar het klooster Bardel, net over de grens. Ik kreeg een radio/cassetterecorder in mijn handen geduwd door hem, moest ik vanaf ons sportcomplex meenemen naar zijn auto op de parkeerplaats. Onderweg naar de parkeerplaats pakte Patrick van Mook de radio, haalde de batterijen eruit en gooide die over het hekwerk op het naastgelegen kerkhof. Aangekomen bij het Klooster zette Paul de pionnen neer en wilde hij de radio starten, we stonden klaar maar er gebeurde logischerwijze niets. Paul liep woest naar zijn auto, reed als een dolle vanaf de parkeerplaats het veld op, draaide beide ramen open en deed het cassettebandje in zijn autoradio. We hebben vreselijk moeten lachen.

Een ander moment was in mijn tijd bij Stevo. We speelden voor de districtsbeker tegen Holten. We stonden een kwartier voor tijd met 1-3 voor, alle wissels waren al benut en toen wisselde Epi Drost mij…, ik begreep er niets van, had gescoord en een assist gegeven. Hij zei alleen, “kom en snel opschieten, ik wil zo gelijk terug naar Enschede”. We reden samen, deden we vaker, Ronald Corte en Evert Bleuming (foto) zaten ook in de auto. Ik was best chagrijnig en bij het instappen vroeg ik waarom ik was gewisseld. Epi gaf aan dat hij een afspraakje had in de Stad (Enschede) en dat was om 21.45 uur (de wedstrijd duurde tot 21.15 uur). Ik zeg, “dat gaat nooit lukken”, Epi zei alleen, “moet jij eens opletten”…, we reden (vlogen eigenlijk) in de auto van Kick van der Vall, de auto van Epi stond bij een garage i.v.m. reparatie. Komen we in Enschede, zie ik op afstand 2 prachtige dames staan, Epi stopte 100 meter voor zijn huis en gooide ons er letterlijk uit…. Onvoorstelbare innemende kerel, veel te vroeg overleden natuurlijk.

Foto archief: sportfoto-oost.nl

Wat is het mooiste sportpark?

Ik was een paar jaar geleden in Winterswijk. Mijn zoon Jesse moest spelen tegen FC Trias, ik was daar wel van onder de indruk. Als voetballer speelde ik graag tegen De Treffers in Groesbeek.

Wat was je mooiste goal?

Dat was met KVV Losser tegen SV Haarle, vanaf een meter of 30 schoot ik de bal hoog in de touwen. RTV Oost was erbij, heb de beelden wel gezien, maar helaas niet meer in mijn bezit.

Wat is jouw advies aan de talenten van nu?

Passie, plezier en ontwikkel jezelf, als mens maar ook als speler. Om beter te worden is het essentieel dat je weerstand en uitdaging moet hebben en houden.

 

Heb je nog ergens spijt van?

Zeker, als jeugdspeler van de Twentse selectie hadden we een toernooi bij Berghuizen in Oldenzaal met meerdere regioselecties. We haalden de finale en die speelden we tegen Amsterdam. Vrienden van mij waren kijken en zij hadden lekker een patatje gehaald. Ik sprak hen toen ik vanuit de kleedkamer naar het veld liep, we hadden een korte pauze. Onschuldig zoals ik was in die tijd, nam ik 1 frietje uit het bakje van mijn kameraad en net op dat moment komt mijn toenmalige trainer Issy ten Donkelaar om de hoek lopen. Ik moest mee richting de kleedkamer, hij pakte de borstel en veegde gelijk mijn naam van het bord en zette me wissel. Ik heb uiteindelijk 3 minuten gespeeld in de finale maar was echt ontroostbaar, was toen 14 jaar oud, maar ik heb dit nooit vergeten. Ik was zo kwaad dat ik na afloop lopend vanuit Berghuizen naar huis in Enschede ben gegaan.

Wil je nog iets kwijt?

Ik wil kwijt dat ik het voetballen altijd met heel veel plezier heb gedaan, het was mijn passie en ik had er heel veel voor over. Vooral om met het team samen ergens naartoe te werken, vond ik top. Ik heb het geluk gehad altijd in teams te hebben gespeeld die wilden voetballen en vaak ook beter waren dan hun tegenstanders. KVV Losser is, ook omdat ik in Losser woonachtig ben, mijn clubje geworden, heb er vele jaren nadat ik gestopt ben ook in de jeugd een rol gehad. Heb ook door mijn zoon geleerd, dat het belangrijk is dat je plezier beleeft aan het spelletje. Dat gun ik iedereen, plezier is de basis.

Een anekdote misschien?

Het voetballen heeft me veel gebracht, misschien is de jeugdperiode wel de leukste geweest. Ik heb altijd en overal plezier gehad door mijn sport. Ook nadat ik was gestopt, ben ik nog 10 jaar actief geweest bij de Twentse voetbalveteranen, we speelden vaak jubileumwedstrijden en ondanks dat we ouder werden, was het fanatisme nooit verdwenen. Vergis je niet, er deden vaak echt goede spelers mee zoals Clemens Zwijnenberg, Erik ten Hag, Gertjan Verbeek en vooral ook Hendrie Krüzen (foto), je kon bij hem het talent gelijk zien, hij kon verschrikkelijk goed voetballen.

Foto archief: sportfoto-oost.nl

Ik kan me nog een keer herinneren dat we meededen aan een boarding toernooi in Mariënheem. Op dat moment (2001) kwam Rico Steinmann kijken naar mij, die werd trainer bij Vorwärts Epe. Ik had nog niet veel laten zien, totdat we een vrije trap kregen. Hendrie nam die eigenlijk altijd en ook nu ging hij achter de bal staan. Ik fluisterde hem toe dat ik deze graag wilde nemen, “Steinmann staat hier voor mij te kijken”. “Als je hem mist, heb je een probleem” riep Hendrie mij toe, gelukkig schoot ik de bal recht in de kruising van een meter of 10. Ze wisten genoeg bij Epe, maar ik heb toch nooit de stap gemaakt. Achteraf ook best jammer, Ik heb vaker de kans gehad om in Duitsland te voetballen of trainer/speler te worden, nooit gedaan, misschien een gemiste kans maar dat komen we niet meer te weten.

Newsoutside